logo

Corrigeren en straffen

Pedagogisch medewerkers corrigeren verbaal het gedrag van kinderen wanneer zij zich niet aan gestelde regels houden of wanneer het belang van groepsgenoten in het gedrang komt. Op de buitenschoolse opvang wordt de kinderen bij de waarschuwing ook duidelijk uitgelegd waaróm zij deze krijgen. Zodat de kinderen kunnen leren welk gedrag en welke handelingen negatieve consequenties hebben voor henzelf. Ook wordt de kinderen verteld door de pedagogisch medewerker dat zij twee maal gewaarschuwd worden en dat bij de derde keer de consequentie al volgt.

Een belangrijke visie van Kindercentrum Babbels is dat het 'gedrag' van het kind wordt afgekeurd, niet het kind zélf.

Het kan voorkomen dat het waarschuwen van een kind niet het gewenste effect heeft. Soms is een kind niet gevoelig voor opmerkingen of afspraken die gemaakt zijn met pedagogisch medewerkers. Vaak blijft dit kind ongewenst gedrag herhalen. Om dit kind rust te geven, wordt het bij de andere kinderen vandaan gehouden en bijvoorbeeld op de gang of in de keuken apart gezet.

Kindercentrum Babbels hanteert een aantal vaste richtlijnen met betrekking tot het corrigeren van gedrag en het straffen van kinderen:

  • Kinderen worden maximaal twee keer gewaarschuwd en bij de tweede keer wordt de strafmaatregel die eventueel volgt duidelijk door de pedagogisch medewerker onder woorden gebracht. Bij de derde keer dat het kind zich niet aan de regels houdt, wordt de strafmaatregel uitgevoerd.
  • Kinderen worden niet op afstand maar van dichtbij gewaarschuwd.
  • Kinderen worden niet met stemverheffing gewaarschuwd, maar op een duidelijke, rustige toon.
  • Tijdens het corrigeren van gedrag of het waarschuwen van een kind wordt het kind door de pedagogisch medewerkers benaderd op kinhoogte.
  • Kinderen kunnen, zo nodig even uit de groep geplaatst worden. Op die manier kan het kind even tot rust komen en nadenken over datgene wat er niet goed is gegaan. Afhankelijk van de situatie mag het kind de ene keer terugkomen in de groep wanneer hij tot rust gekomen is en een andere keer moet hij wachten tot de pedagogisch medewerker weer bij hem komt om met hem te praten.
  • Ouders wordt altijd tijdens de dagelijkse overdracht op de hoogte gesteld van wat er is voorgevallen. Sóms wordt door de pedagogisch medewerker aangeraden om er thuis nog eens over te praten.
  • Wanneer de situatie dit vraagt kan de pedagogisch medewerker een kind apart nemen om over zijn gedrag te praten.