logo

Wenprocedure

Voor de basis van een prettig verblijf op een kinderdagverblijf is de hechting van kinderen aan de pedagogisch medewerkers belangrijk. De stabiliteit die een vaste pedagogisch medewerker biedt en het vertrouwen dat zij geeft, zorgen ervoor dat het kind zich goed voelt op het kindercentrum.

De wenperiode kan er voor zorgen dat het kind voldoende vertrouwen krijgt om te kunnen functioneren in de groep.

Doelen van een wenperiode zijn:

  • het vertrouwd raken van het kind met de nieuwe omgeving;
  • het opbouwen van een hechtingsrelatie van het kind met de pedagogisch medewerker;
  • het vertrouwd raken van ouders met de nieuwe situatie en het ontwikkelen van een vertrouwensrelatie van ouders met de pedagogisch medewerkers;
  • het op elkaar afstemmen van voedingsschema's, slaapritmes en pedagogische aanpak thuis en in het kindercentrum.

Het opbouwen van een hechtingsrelatie kost tijd. Dit geldt vooral voor kinderen vanaf ongeveer 8 maanden. Bij opvang van baby's zijn het echter vooral de ouders die moeten wennen. Daarentegen is het zo dat baby's vaak moeten wennen aan nieuwe geluiden, geuren en algemene nieuwe indrukken.

De ouders kiezen zelf of ze hun kind willen laten wennen en hoe lang. Maar wij raden het altijd sterk aan kinderen vanaf ongeveer 8 maanden, minstens een paar ochtenden te laten ‘wennen'. Voorwaarde hierbij is dat de ouders ‘stand by' blijven om het kind op te halen, mocht het ontroostbaar zijn.
De professionaliteit van de pedagogisch medewerkers binnen Kindercentrum Babbels maakt het mogelijk dat er een duidelijk, op het kind aangepast wenschema wordt opgesteld samen met de ouders, tijdens het intakegesprek. Daarnaast wordt er door hen adequaat ingespeeld op de behoeften van het kind gedurende de wenperiode.

Ouders mogen in de wenperiode op de groep blijven om het wennen van uw kind te vergemakkelijken. Wanneer blijkt dat de aanwezigheid van vader, moeder en/of andere verzorger de wenperiode vertraagt, zal dit besproken worden.

Wanneer kinderen overgaan naar een andere groep wordt er per kind gekeken wat de beste wenmedthode is. Bijvoorbeeld het kind gaat eerst mee dingen brengen en halen op de nieuwe groep, waarna ze steeds vaker wat uurtjes mogen spelen.